Alweer drie maanden in China!

Ondertussen zijn we al ruim drie maanden in China en daarmee op de helft van onze tijd als vrijwilligers in het weeshuis. In deze update zullen we ook wat over het weeshuis en de kinderen vertellen zodat jullie niet het idee krijgen dat we alleen maar op tripjes gaan. ; )

’s Ochtends worden we vaak gewekt door schreeuwende kinderen op de galerij of in het washok naast onze kamer. De ‘muur’ die deze twee ruimtes van elkaar scheidt lijkt op deze vroege momenten wel van papier en ook het gat in de muur waar de verwarmingsbuis doorheen gaat zorgt ervoor dat we letterlijk kunnen verstaan (als we Chinees zouden spreken) wat de personen in het washok zeggen/schreeuwen. Soms hebben we echter het geluk door onze eigen wekker wakker te worden, heerlijk! In de 1e maand dat we hier waren hebben we al snel een soort pannenkoeken bakplaat en een oven aangeschaft zodat we ook met iets anders kunnen ontbijten dan met noodles. Na een paar keer uitproberen heeft Gjalt nu DE manier gevonden om brood te bakken, met onze kostbare kaas, pindakaas en oploskoffie lijkt het bijna alsof we gewoon in Nederland ons ontbijtje nuttigen. : ) De banana cake van Gjalt doet het ook heel goed hier, vooral Ben was er helemaal weg van! De cake en het brood zijn wel de uitzonderingen want verder eten we gewoon Chinees. En het begrip “Chinees eten” krijgt een hele andere betekenis zodra je in China bent! Hoewel we al wisten dat ze hier onze “Chinese” gerechten niet kennen wilden we dit toch even testen. En inderdaad, van “tjap tjoy”, “foe yong hai” en “babi pangang” hebben ze hier nog nooit gehoord. Wie weet wel in de Kantonese regio in het zuiden van China, hopelijk kunnen we dat tijdens het rondreizen zelf nog gaan uittesten! In het weeshuis eten we dus het locale Chinese eten wat meestal iets van rijst, noodles, gewokte kool, meelsoep, steamed bread of plakjes van een wortel van een of andere locale plant die je in een moeras vindt.. Ik kan er wel verder over uitweiden maar eigenlijk zou je het zelf gewoon een keer moeten eten : ) Laten we zeggen dat we erg blij zijn met het eigen gemaakte brood! (Ze hebben hier trouwens wel iets in de supermarkt wat ze brood noemen maar dat is meer een soort zachte, ultra zoete spons.)

Nadat we ’s ochtends al schreeuwend zijn wakker geworden gaan we naar beneden om eerst wat met alle kinderen bij elkaar te zitten en wat te spelen etc. Daarna gaan we met alle ayi’s (werkers) en een aantal kinderen naar de therapie kamer waar er therapie gegeven wordt op een soort matten. Gjalt heeft al redelijk wat vooruitgang bij de luie Dan Dan geboekt die niet kan lopen doordat hij onvoldoende kracht en coördinatie over zijn benen heeft. Dan Dan is het al snel allemaal teveel en als hij weer eens als een slak over de therapie mat kruipt loopt de frustratie bij Gjalt soms hoog op. Ik denk dat ‘kuai’ (=snel) het 1e Chinese woord was dat Gjalt leerde. Toch werpt de therapie van Gjalt z’n vruchten af want Dan Dan kan nu al langer staan wanneer hij zijn speciale “therapie/steun”schoenen aanheeft én hij lijkt er net iets minder langzaam over te doen! Ik doe nog steeds de therapie voor Jing Jing het lappenpopje/ floppy child! Hoewel ze vijf jaar is zou je haar eerder op twee jaar schatten en naast cerebral palsy is ze ook behoorlijk zwaar mentaal gehandicapt. Contact met haar maken is erg lastig, als je haar naam zegt wil ze nog weleens een soort dracula grijns op haar gezichtje toveren en soms reageert ze op speelgoed met geluid maar that’s it. Blijkbaar heeft ook mijn houtje- touwtje therapie effect want Jing Jing is duidelijk een stuk actiever geworden de afgelopen maanden. Je merkt duidelijk dat haar spieren meer geactiveerd worden en ze maakt ook veel meer geluid wat zich vooral uit in harde, schelle kreetjes. Omdat ze nog geen controle over haar spieren heeft gaan haar armen en benen alle kanten op waardoor ze vaak als een opgevouwen lappenpopje dubbel geklapt in haar stoel zit. Zij lijkt dit een comfortabele houding te vinden en ik ben allang blij dat de therapie in elk geval een effect heeft.

Naast de therapie is Gjalt bezig met zijn TEFL course om gediplomeerd Engels leraar te worden en zijn we samen veel bezig geweest met onderzoek naar de mogelijke kinderboerderij. Ook geven we de zusters wat Engelse les en proberen we te bekijken waar we een haalbare bijdrage aan kunnen leveren zoals het opstellen van regels voor tijdens het eten aangezien de kinderen hierbij meestal wat rondrennen, schreeuwen etc. Ik heb zelfs een poging gedaan om het belangrijkste uit mijn SPH opleiding hier in praktijk te brengen namelijk: collages maken! : ) Ik nam eerst Xiang Mei, een meisje van zo’n 12 jaar met down syndroom apart en liet haar zien hoe je plaatjes kunt uitknippen en ze vervolgens ergens opplakken. Hoewel Xiang Mei echt nul controle over de schaar had werd ze helemaal enthousiast en bleef maar knippen in het papier. Hoewel ze geen concrete plaatjes uit mijn Cosmo knipte ontstonden er wel losse stukjes papier en met pijn en moeite belanden ze met wat lijm op haar vel papier, geweldig! Nog een beetje kleuren (lees: strepen en krassen zetten) was het klaar en hebben we het op de muur geplakt, ze vond het prachtig! Hierna wilden alle andere kinderen natuurlijk ook en al snel waren ook Er Dan, Hang Hang en Tian Long klaar met hun collage die vooral bestond uit half uitgeknipte plaatjes uit de Donald Duck en vrouwen in modieuze kleding. Dan Dan deed ook een poging maar zijn luiheid won het van hem en hij kon al snel de kracht niet meer vinden om de uitgeknipte plaatjes daadwerkelijk op te plakken, het is tenslotte ook erg vermoeiend! De oudste kids hier vinden tekenen en kleuren erg leuk en de tekeningen voor op de muur zijn dan ook niet aan te slepen. Tian Long kan zowaar plaatjes natekenen en het lijkt echt ergens op maar Er Dan zijn tekeningen zien er naar onze mening nogal chaotisch en sadistisch uit met al die halve lichamen met dikke krassen er door heen. : ) Hang Hang laat ook in zijn tekeningen zien dat hij heel erg houdt van structuur want hij tekent elke keer hetzelfde. Wanneer hij niet zijn hand omtrekt met een stift en deze in verschillende kleuren inkleurt dan maakt hij een soort tabel met allemaal cijfers waarbij het van 1,2,3,4 opeens overspringt naar 8,10,11. Als hij er maar blij van wordt!

We hebben ondertussen ook genoeg geld ingezameld voor de trampoline, heel erg bedankt voor de donaties!! De trampoline is besteld via onze favoriete website taobao.com waar je zo’n beetje alles kunt bestellen wat je maar wilt. Als het goed is wordt de trampoline snel bezorgd en als ie staat zullen we een mooie foto plaatsen.

Vorige week zijn we een weekend met Ben, de Britse jongen, naar Xi’an geweest. Ben ging voor het terracotta leger en wij vooral om even te relaxen aangezien we al in Xi’an zijn geweest. Dit keer gingen we met de trein die om de helse tijd van 5.00u ’s ochtends ging! We hadden heard seat, het duurde 5 uur en we hadden een Chinees naast ons die wat Engels sprak. We klagen weleens dat bijna niemand in China Engels spreekt maar mijn god wat hadden we graag gehad dat deze kerel geen Engels sprak! Hij bleef maar doorratelen in zijn gebrekkige Engels, stelde elke vraag 4x over waar we gestudeerd hadden etc. en als we uit beleefdheid hem een vraag stelden was het antwoord steeds “of course of course!!” of “just for fun, for fun!”. Aangezien we bijna niet hadden geslapen die nacht was dit geen hele gave ervaring alhoewel we er wel enorm om gelachen hebben.

In Xi’an hebben we na een paar pogingen bij verschillende hostels er uiteindelijk eentje met plek gevonden in het centrum. We hebben dit weekend vooral lekker door de stad gelopen, hebben onze “af ding kwaliteiten” wat bij geschroefd in het Muslim Quarter met de talloze winkeltjes EN we hebben in een groot warenhuis een bioscoop gevonden met zowaar een Engels gesproken film (net als de Duitsers houden ze hier nogal van nasynchroniseren). Er was weinig keus dus het werd Iron Man2 wat vooral Gjalt en Ben erg gaaf vonden. Ik vroeg nog of het uitmaakte dat ik Iron Man1 niet had gezien maar al snel bleek dat het ging om robots, vechten, knallen, special effects, Samuel L Jackson met een ooglapje en Scarlet Johansen die opeens in een soort catwoman verandert., oftewel: helemaal prima!
Verder ontdekten we in Xi’an een heuse Walmart waar ze pindakaas verkochten. Dus om onze voorraad wat aan te vullen hebben we daar maar wat ingeslagen (we houden allebei niet eens echt van pindakaas maar je moet wat). Ook kochten we wat doerian fruit omdat ik dat volgens Gjalt “toch echt eens moest proberen”. Het rook al niet bepaald lekker en nogal sterkt wat blijkbaar komt door de vorming van waterstofsulfide en hierdoor heeft de vrucht zijn bijnaam ‘stinky fruit’. Wat mij betreft was dit stukje doerian dan ook het laatste stukje want ik kan het alles behalve lekker noemen. Gjalt vond het “wel ok” dus ik heb alvast een idee voor zijn verjaardag. ; )

We zijn verder in Xi’an nog een keer naar de fontein show bij de Big Goose Pagoda gegaan omdat Ben dit nog niet gezien had. Toen we er in maart waren was het relatief rustig terwijl het nu bomvol Chinese toeristen stond die meer tussen de waterstralen stonden dan aan de zijkant te kijken. Wij vermaakten ons vooral door nauwlettend toe te kijken wanneer er weer een Chinees onverwacht een enorme waterstraal tegen z’n hoofd zou krijgen tijdens het uitgebreid poseren midden tussen het waterspektakel.

Na dit weekendje hebben we nog een gezellige week met Ben gehad met vooral veel 'Transformers' (gaaf..) en veel cake. Ben besloot dat het tijd werd dat hij de 1e cake in zijn leven zou gaan bakken en dat hebben we geweten! Het was een carrotcake geworden wat ik normaal gesproken zeer zou waarderen. Was het niet dat Ben, nadat we al een paar happen ophadden, bekende dat hij er 3 cups suiker in had gedaan en 1,5 cup olie! En hoewel Ben een eetlust heeft waar je U tegen zegt, ging zelfs dit resultaat hem te ver. De cake ‘from hell’ hebben we dus maar weggegooid want zelfs de altijd hongerige Er Dan wilden we dat niet aandoen. Afgelopen vrijdag zijn we nog een keer uit eten gegaan met Ben in, verrassend, een Chinees restaurant. Maggie had wat gerechten opgeschreven in het Chinees en de ober sprak 2 woorden Engels dus dan kom je er wel! Lekker gegeten en daarna voorlopig afscheid genomen van Ben die de volgende ochtend om 5.00u de trein zou pakken. We zien hem aan het eind van zijn rondreis trip nog terug in Beijing.

Zelf hadden we besloten om het weekend op de motorbike een wat langere trip te maken naar de Hukou waterval aan de yellow river. Dit is de een na grootste waterval in China en is de enige gele waterval in de wereld. Het ligt in het westen van de provincie Shanxi waar wij zitten en ligt op de grens met de provincie Shaanxi (waarom zou je een provincie een andere naam geven als je ook één letter kunt veranderen?). Met onze rugzakken op vertrokken we zaterdag van Xinjiang richting Jishan waar we meteen op zoek konden naar een mechanic omdat er olie lekte. Gelukkig was dit zo voor een euro verholpen en gingen we verder naar Xishe om vanaf daar voor 60 km de bergen in te rijden richting Qianning. Halverwege bedachten we ons dat onze enige voorbereiding een Chinese kaart was waarop we een paar plaatsnamen door Maggie hadden laten vertalen. Aangezien we vergeten hadden te tanken voordat we de bergen inreden en geen water of iets te eten bij ons hadden hoopten we (ok vooral ik) vurig dat we niet ergens zouden stranden. We hebben onderhand namelijk al meerdere keren een lekke band gehad of een ander klein mankement maar tot nu toe waren we altijd binnen 100 meter bij een repairshop. Nou zijn er hier ook erg veel van gelukkig maar we achten de kans klein op eentje midden in de bergen aangezien we niet eens dorpjes tegen kwamen. Het uitzicht hier was echt een enorm verschil met waar wij zitten in Xinjiang. Het was er volop groen, rustig en het berggebied strekte zich enorm uit. Wanneer we eens werden ingehaald door een auto zag je uiteraard de auto resoluut vaart minderen, de mensen kijken elkaar aan van “hebben we dat goed gezien?” en komen dan weer dichterbij ons rijden om te zwaaien en te roepen naar ons. Als “laowai” worden we nog steeds vaak aangestaard en mensen geloven bijna niet wat ze zien. Eenmaal in Qianning hebben we even wat gegeten en zijn toen door gegaan naar Jixian, een plaatsje net voor de waterval. Hier besloten we maar op zoek te gaan naar een hotel, het was al half vijf en we hadden zo’n 130 km afgelegd. Ook in Jixian zijn geen andere buitenlanders te vinden en de mevrouw van de eettoko was volgens ons dan ook heel blij dat we haar toko hadden uitgekozen, toeval of niet er stroomden meteen volop klanten binnen nadat wij waren gaan zitten. Na wat vertrouwd Chinees voedsel zwemmend in olie, zout en MSG hielden we het voor gezien aangezien we de volgende dag op tijd weer op pad wilden.

Zondag reden we rond 9u richting Hukou wat nog 40 km bleek te zijn. Eenmaal aangekomen hadden we redelijk wat verwachtingen na de hele tocht die we gemaakt hadden. Gelukkig bleek het geen kleine laffe stroomversnelling te zijn maar was het echt een behoorlijk krachtige (‘yellow’) waterval. De waterval was niet ontzettend breed en hoog maar toch was het mooi om te zien. Merkwaardig was het niet eens zo druk bij de waterval, tenminste voor Chinese begrippen. Toch wilden die paar mensen die er wel waren met ons op de foto voor de waterval of (beter nog) een foto van ons twee voor de waterval maken. We zijn benieuwd hoeveel portretten er van ons onderhand in Chinese huiskamers hangen! Na een tijdje de waterval bewondert te hebben besloten we redelijk snel al weer terug te gaan omdat we nog een behoorlijke trip voor ons hadden. Eerst moesten we weer de 40 km terug naar Jixian waar we overnacht hadden en daarna via Qianning richting een andere stad waarvan we niet weten hoe deze heet omdat we die niet hadden laten vertalen door Maggie. : ) Met wat Chinese tekens vergelijken met de wegwijzers kwamen we een heel eind, in de goede stad zelfs. Vanaf daar gingen we weer via Jishan terug naar Xinjiang en hadden we die dag zo’n 230 km afgelegd. Aan onze armen en hoofden kon je goed zien dat we uren op de motorbike hadden doorgebracht want we waren onderhand behoorlijk gebruind/verbrand. Helemaal tevreden van onze trip kwamen we terug in het weeshuis waar de oudere jongens ons alweer op stonden te wachten. Deze trip was echt super leuk en we hebben Shanxi van een andere kant leren kennen. Het rijden door de bergen was erg mooi en een leuke afwisseling met de omgeving rond het weeshuis.

Vanavond nemen we de trein richting Beijing waar we 16 uur later zullen aankomen, gelukkig hebben we dit keer sleepers. We gaan naar Beijing voor de Mid Term training van ons EVS programma. We hebben onder andere een gesprek op de Nederlandse ambassade geregeld, gaan langs bij de EU delegatie in China en nemen een kijkje in een Chinees ‘gouvernment’ weeshuis waar een fysiotherapeut werkt die we hier hebben leren kennen. Verder zullen we natuurlijk de Forbidden City eens gaan beoordelen en zullen we proberen een plekje op de Chinese Muur te vinden dat niet overwoekerd worden door honderden Chinezen. Onze Koninginnedag petjes kunnen mee want we kunnen in Beijing mooi de 1e wedstrijd van het Nederlands elftal van het WK volgen. Kortom, we hebben er zin in! : )

Zaijian!!

Susanne en Gjalt.

Boeddha's, boeddha's en nog meer boeddha's

Ruim twee weken geleden zaten we met spanning onze “orphanage” lunch naar binnen te werken in de eetzaal. Het moment was namelijk aangebroken dat er zowaar nóg een vrijwilliger zich bij ons zou gaan voegen in het weeshuis. We hadden van Mary, de zuster die hier de “manager” is, gehoord dat hij Ben heet en Engels is, that’s it. We waren benieuwd! Als je al ruim twee maanden in het Duanmin weeshuis in Xinjiang werkt en woont leer je al snel uit te leven naar momenten waarop je met nieuwe mensen daadwerkelijk kunt praten. Nou zijn we nog niet helemaal door onze gesprekstof met elkaar heen maar om eens met iemand anders te praten is toch ook wel leuk : ).

Toen Ben er eindelijk was hebben we hem snel een rondleiding gegeven en hij vertelde ons dat hij hier eigenlijk “toevallig” terecht was gekomen via via en dat hij eigenlijk geen flauw benul had waar hij heen ging, wat hij ging doen daar etc. En dat voor iemand van 18 jaar..wij vinden het knap! Nou was Ben ook wel blij dat wij hier zijn met Maggie, onze tolk, anders had hij waarschijnlijk snel rechtsomkeert gemaakt! Voor ons stond die middag onze trip naar Luoyang op het programma en Ben was nog geen uur in het weeshuis of hij zat met ons en Anneke in de bus op naar Luoyang!

Na een, in verhouding, best comfortabel busreis van zo’n 4,5u kwamen we aan in Luoyang wat vergeleken met Houma (de dichtstbijzijnde “stad” bij het weeshuis) toch wel echt een grote stad bleek te zijn. De neonverlichting op alle gevels gaf het een beetje een vreemd gezicht maar we hadden eindelijk weer het gevoel in een stad te zijn die leeft wat een prettige afleiding van het dagelijkse weeshuis leventje is. Nadat we een prima hostel gevonden hadden hebben we uiteindelijk met pijn en moeite een night market gevonden (ook hier spreken maar weinig tot geen mensen Engels). Na de nodige Tsingtao’s en wat potjes “Jungle Speed” werd het tijd om onze bedjes op te zoeken.

De volgende dag stonden de “Longmen Caves” op ons programma, de reden waarom we naar Luoyang zijn gegaan. Ok, en om eerlijk te zijn ook met de hoop op Westers eten : ) . Maar goed, de Longmen Caves. Dit keer hadden we al snel besloten dat we ons niet in een Chinese tour hier naartoe zouden laten ompraten net zoals bij het Terracotta Warrior Army in Xi’an wat echt hel op aarde was. Oftewel, deelnemen aan het Chinese openbaar vervoer. Het enige referentie kader wat we hebben zijn nummers aangezien we het lezen van Chinese tekens al lang opgegeven hebben. Na wat opgepropt in de door ons gekozen local bus te hebben gezeten kwamen we zowaar ook nog uit waar we wilden zijn, wat wil je nog meer!

We zijn er in China al snel achter gekomen dat je hier overal studentenkorting op kunt krijgen. En als er ergens korting te behalen valt dan staan wij als Nederlanders natuurlijk vooraan! Ook als we geen studenten (meer) zijn en ook als dat betekent dat we een duikbewijs of pasje van de videotheek moeten voorleggen. De meeste Chinezen kunnen net zo weinig Engels (laat staan Nederlands) lezen als wij Chinees en blijkbaar lijken wij “buitenlanders” net zoveel op elkaar als wij Chinezen op elkaar vinden lijken want zelfs met een verlopen pasje van de sportschool met de pasfoto van een ander krijg je hier nog korting. Dit keer hadden we zelfs onze nieuwe EVS Youth Volunteer pasjes bij ons wat het nog makkelijker zou maken. Echter..! Toen we onze kaartjes wilden kopen en onze pasjes overhandigden keek de mevrouw achter het glas ons boos aan, schudde een paar keer haar hoofd en liet ons de hoofdprijs betalen. Nou laten we ons niet zomaar afschepen als we ervan overtuigd zijn dat er te besparen valt (je moet wat als de Euro in elkaar zakt!). Woordenboekje erbij maar helaas hadden de woorden “student” en “korting” geen effect. De mensen om ons heen zagen dat we het er duidelijk niet mee eens waren er werd iemand gezocht die 3 woorden Engels sprak om ons uit ons lijden te verlossen. En ja hoor, natuurlijk, “only Chinese discount students”. Wat?! Dat is toch een aardig staaltje discriminatie om alleen Chinese studenten korting te geven.. Na de mevrouw achter het glas verzekerd te hebben dat wanneer ZIJ naar Nederland komt, wij haar ook de “laowai” (buitenlander) prijs laten betalen hebben we het maar opgegeven.

Nog een tikkeltje geïrriteerd troosten we onszelf dan maar dat de Longmen Caves vast heel erg gaaf zouden zijn. Nou hadden we al een voorgevoel dat dit weer een typische Chinese attractie ging worden, gezien de hoeveelheid bussen op de parkeerplaats. En ja, uiteraard moesten we ons soms een weg banen tussen alle poserende Chinezen voor een of ander rotsblok. Want er zijn 2 dingen die Chinezen heel erg tof vinden: met zoveel mogelijk andere Chinezen tegelijk naar een bezienswaardigheid/attractie gaan én poseren. En dat laatste doen ze echt zo vaak en zo veel dat het bijna gênant is. En ook hier werden wij automatisch onderdeel van de attractie en maakten mensen subtiel of minder subtiel foto’s van ons of stiekem mét ons door snel voor je te gaan staan.

Maar goed, aangezien de Longmen Caves een Unesco World Heritage Site is besloten we om de Chinezen even te laten voor wat ze zijn en ons te richten op de grotten. De Longmen Caves is voornamelijk een grote hoeveelheid uit gehakte boeddha’s in grotten langs de Yi rivier. De grotten en beelden zijn zo’n 1500 jaar oud wat het wel indrukwekkend maakt hoe men dit toentertijd gemaakt moet hebben. Opvallend is dat er een redelijke hoeveelheid boeddha’s mist welke kennelijk in het begin van de 20e eeuw gedeeltelijk of geheel door collectors zijn weg gehaald en zich nu verspreid over de wereld bevinden bijv. in musea in Tokio en New York. De boeddha’s die er nog wel staan (wat nog steeds een grote hoeveelheid is), zijn bijna allemaal beschadigd. Dit is grotendeels gebeurd tijdens de Culturele Revolutie ( “Beeldenstorm”) en voornamelijk de hoofden van de boeddha beelden hebben het moeten ontzien, er is nauwelijks een boeddha beeld te vinden dat nog wel een hoofd heeft.

Hoewel het zeker de moeite waard is om deze grote hoeveelheid van boeddha’s uitgehakt in grotten te zien, is het naar ons idee wel weer veel van hetzelfde. De Chinezen maken het ook niet erg aantrekkelijk door bijv. bijschriften te plaatsen (in Engels) zodat je meer verschillen zou kunnen opmerken tussen de “Lotus Flower Cave”, “Ten Thousand Buddha Cave” en “Moya Three Buddha Niche” behalve de hoeveelheid boeddha’s.

Uiteindelijk hebben we een paar kilometer langs de rivier gelopen langs alle grotten, over gestoken naar de overkant en zijn hier nog omhoog geklommen naar de Xiangshan Temple waar een “Life saving pond” was die blijkbaar meer dodelijk dan life saving was gezien het aantal (half) dode vissen.

Onze hoeveelheid boeddha’s hebben we voorlopig wel even gehad maar het was zeker de moeite waard om gezien te hebben. Terug in Luoyang werd ons verteld dat er zowaar een Mc Donalds was…oei…dat was erg verleidelijk! We gingen dus gemotiveerd als hongerige wolven op zoek naar the Golden Arches maar veel verder dan een gesloten ijs corner van de Mc Donalds kwamen we niet. Wanneer je een Chinees vraagt of hij/zij weet waar iets is zullen ze je nog liever de verkeerde kant op sturen dan te moeten zeggen dat ze het niet weten want “dat zou toch een gezichtsverlies zijn”. Fijn voor ons want we hebben hierdoor aardig wat heen en weer gelopen waardoor we uiteindelijk niet in de Mc Donalds belandden maar in een heuse nachtclub! Hier gieten de Chinezen zich helemaal vol met stervensdure sterke drank om vervolgens wat rond te waggelen op nummers van de Backstreet Boys, Westlife of SClub7. Enerzijds hilarisch, anderzijds toch wat triest om te zien. Na een mini biertje voor €3,50 , wat erg duur is hier, hielden we het maar voor gezien.

Eenmaal buiten zagen we een bord met iets wat op “cinema” leek dus besloten we een gokje te wagen, het zou zomaar een echte bioscoop kunnen zijn! Het positieve was dat het inderdaad een bioscoop was en dat ze zowaar Iron Man 2 in het Engels hadden. Het minder goede nieuws dat de vriendelijke mevrouw die de tickets verkocht ons probeerde duidelijk te maken, was dat het uitverkocht was... Enigszins teleurgesteld en nog dromend over “Iron Man 2” zijn we maar afgetaaid naar het hostel.

De volgende dag gingen we alweer terug richting Houma. De weekenden vliegen voorbij vooral wanneer je 5u erover doet om überhaupt ergens te komen. “Gelukkig” vonden we op de valreep alsnog de door sommige zo geliefde Mc Donalds, hebben we zoveel besteld tot we echt propvol zaten en kunnen we er daarom weer even tegenaan om te leven op weeshuis noodles en droge rijst, yum!

Koninginnedag!

Ik blader wat door een Cosmo uit mijn opgestuurde overlevingspakket vanuit Nederland. Dankzij mijn moesje kan ik ook aan de andere kant van de wereld op de hoogte blijven van de “nieuwste” trends en handige beauty tips. Helaas houdt de Cosmo er geen rekening mee wanneer je in China zit, je in een weeshuis woont en het geen drol uitmaakt welke wel of niet hippe kleren je draagt. De beauty tips hier beperken zich tot het kammen van je haar en je gezicht wassen met een teiltje. Het volgende artikel kopt “Voedselallergie”. Van overgevoeligheid voor melk tot heftige reacties bij gluten. Ik kan het niet helpen te denken “nou zij hebben tenminste degelijk voedsel!!”. Wanneer je hier in het weeshuis een dergelijke allergie zou hebben dan heb je hoogst waarschijnlijk gewoon pech, je eet noodles en houdbare melk of je eet niet. Gelukkig hebben wij vandaag iets anders op het menu staan dan noodles want het is Koninginnedag!

Vanuit Nederland hebben we een hele lading met oranje spullen meegenomen om hiermee ons eigen Koninginnedag feestje te vieren samen met de kinderen.

Het is zo’n 26 graden dus we besluiten het festijn buiten te laten plaatsvinden en hangen oranje slingers en ballonnen op. De kinderen helpen ons alle gammele stoeltjes die we kunnen vinden buiten te zetten. Hoewel het feestje nog niet van start is gegaan zijn de kinderen bij het zien van de slingers en ballonnen al door het dolle heen. Vooral Shuai Shuai, een zwaar verstandelijk beperkte jongen met autisme, houdt het niet mee van opwinding en zit snoei hard heen en weer te wiegen op zijn houten klapstoeltje en klapt continu in zijn handen.

Boven op onze kamer zijn we die ochtend al begonnen met het bereiden van onze traktatie. Een aantal weken geleden hebben we een soort toaster/ bakplaat gekocht en dit handige apparaat gebruiken we nu voor PANNENKOEKEN! We hebben een gigantische lading bloem, eieren en poedermelk gekocht (melamine? Who cares?). Anneke heeft ’s ochtends al zo’n 30 pannenkoeken gebakken waarna Gjalt en ik haar afwisselen en we uiteindelijk tot een totaal van zo’n 60 pannenkoeken komen. Maggie, onze tolk, heeft voor de gelegenheid haar “Korean food” gemaakt wat eigenlijk neer komt op sushi. Hoewel de link tussen sushi en Koninginnedag ver te zoeken is en de combinatie van pannenkoeken en sushi ook niet erg aantrekkelijk klinkt is het een heerlijke traktatie en al helemaal een gewaardeerde afwisseling op ons dieet van noodles en droge rijst.

Ondertussen hebben de ayi’s (de werkers) alle kinderen buiten neer gezet. Zelfs Xin Xin, een jongen die zijn hele leven liggend in een schommelstoel doorbrengt omdat hij Cerebral Palsy heeft en een vergroeide ruggengraat, is voor de gelegenheid met stoel en al naar buiten verplaatst. Alle kinderen zitten in een grote kring en de “bevoordeelde” kinderen die kunnen lopen scharrelen her en der wat rond of stuiteren over de binnenplaats van enthousiasme.

Bij gebrek aan oranje kleding is onze enige accessoire een gaar oranje petje en een fluitje. Vergeleken met de hossende menigte in Amsterdam op het Rembrandtplein zijn we waarschijnlijk super “under dressed” maar hier vinden ze allang prachtig en wijzen al schaterlachend naar onze suffe petjes. We geven alle kindjes een papieren gouden of oranje kroontje en ze krijgen een bandje om hun arm met een leuk plaatje erop en hun naam. Ik denk dat er maar één of twee jongetjes in het weeshuis zitten die dit kunnen lezen maar het gaat om het idee! Ze vinden het allemaal prachtig en showen ons en de ayi’s trots hun kroon en armband. Nadat we 3 verlengsnoeren op elkaar aangesloten hebben kunnen we net de speakers van Maggie buiten aansluiten, iPod eraan en gaan! Guus Meeuwis, Marco Borsato, en Acda en de Munnik weerklinken over de binnenplaats.

Er Dan, een jongetje van zo’n 11 jaar met een obsessie voor eten, herinnert ons eraan dat de pannenkoeken in de kantine staan en “of we die niet heel snel willen gaan uitdelen!” (tenminste, dat maken we op uit zijn gebrabbel en gebaren). Iedereen krijgt een pannenkoek met suiker in een plastic kommetje en ze lijken het nog lekker te vinden ook! De kleintjes krijgen kleine stukjes gevoerd en de wat oudere kinderen proberen er zoveel mogelijk te eten. Er Dan komt met zijn mond vol met zijn 7e pannenkoek naar me toe en roept al smakkend “hao chi”, oftewel: lekker! Mooi, pannenkoekenmissie geslaagd. : )

Ik besluit een gokje te wagen en te kijken of de kinderen Nederlandse schmink aan kunnen. Volgens mij hebben ze nog nooit zoiets meegemaakt dus ik ben benieuwd hoe zij (en de ayi’s) erop reageren. Na het eerste voorzichtig aangebrachte zonnetje op Dan Dan zijn gezicht is het hek van de dam en wil iedereen zonnetjes, Nederlandse vlaggetjes, hartjes etc. op zijn gezicht! Iedereen behalve een aantal natuurlijk, de autistische kinderen worden toch tamelijk zenuwachtig als ze de verf op hun hand zien en krabben het er zo snel mogelijk vanaf. Bij hen moet je Koninginnedag vieren misschien toch in kleine stapjes opbouwen : )

Uiteraard is het wachten op het 1e huilende kind en jawel als dat onze lieve Er Dan niet zou zijn..! Huilend en stampvoetend wijst hij naar Yun Yun, een vrolijk klein en vooral verwend dikkertje van zo’n 2 jaar. Yun Yun heeft ons mooie plastic stukje speelgoed in zijn handjes, een Nederlandse vlag die heel vals het Wilhelmus ten gehore brengt (uiteraard “made in China”!). En nu wil het nou net, dat Er Dan hier NU mee wilt spelen. Tja.. en leg dan maar in je beste Chinees uit dat iedereen hier mee mag spelen en dat zij zal moeten delen met alle andere kinderen in het weeshuis. Om hem dan maar ten slotte af te leiden van DE vlag besluit ik een andere hobby van Er Dan en de rest van de kinderen gehoor te geven: dansen! En dan het liefste op K3! En ja dat K3 eigenlijk helemaal niet uit Nederland komt, dat zeggen we er maar niet bij. Tenslotte klinkt het nog steeds “buitenlands” en dat is meer dan genoeg hier.

'MaMasé', 'Handjes draaien' en 'Kusjesdag' dreunen uit de speaker(tje)s en de kinderen… they love it! Vooral Xiang Mei, een meisje van zo’n 12 jaar met Downsyndroom, laat altijd de meest creatieve danspasjes zien en gaat helemaal op in de muziek. Het blijft prachtig en soms hilarisch om te zien :)
De kinderen met hun kroontjes op, schmink op hun gezicht, stukjes pannenkoek die uit hun mondhoeken hangen, al dansend op Nederlands(talig)e muziek geven ons toch even het gevoel dat we Koninginnedag aan het vieren zijn.

Het zal de kinderen worst zijn wie of wat een koningin is, dat we het daarom Koninginnedag noemen en waarom we die kleur oranje toch gebruiken. Maar ik weet zeker dat ze zouden willen dat ook zij ieder jaar zo’n feestje zouden vieren. Want hoe klein, sullig en simpel het misschien ook is of lijkt, voor de kinderen hier maakt het heel veel verschil en ze genieten er enorm van. Zelfs nu, zo’n 1,5 week na Koninginnedag lopen de kinderen nog steeds met (elkaars) naambandjes, wijzen ernaar en lachen.

Onze Koninginnedag was meer dan geslaagd en wie weet hebben ze de “oranje spirit” nu zo te pakken dat ze met het WK als ware supporters naast ons zitten en het Nederlands elftal aanmoedigen.

Zaijian!!

Susanne en Gjalt.

Ps. Voor de liefhebbers die misschien een kleine bijdrage willen leveren voor de kindjes in het weeshuis, we willen proberen een grote trampoline te kopen voor ze waar ze buiten lekker op kunnen springen en spelen. Mocht je je geroepen voelen, maar voel je vooral niet verplicht, dan kun je iets storten (al is het maar een paar euro) op 74 86 59 374 t.n.v. G.M. Mostert. Een foto van het resultaat zullen we uiteraard hier op de site showen.

Een verticale nachtmerrie

Terwijl ik nagenoeg loodrecht omhoog kijk zie ik voor mij hoe enkele duizenden treden zich een wegdoor het wolkendek lijken te banen, achter mij zie ik hoe minstens evenveel treden zich de afgrond in lijken te storten. Ik druk mijn bovenlichaam zo dicht mogelijk tegen de verticale nachtmerrie aan, vervloek alles dat niet vlak is en deel dit hoog in op mijn lijstje van aller-slechtste ideeën ooit. Het is tien april en ik ben “at the point of no return” van Huá Shán Mountain in Shánxí province.

De dag hiervoor heb ik Susanne met al mijn overredingskracht overgehaald om toch mee te gaan op een weekendtrip om de 2160 meter hoge Huá Shán te beklimmen. Aanvankelijk leken de excuses te gaan winnen en zag het er naar uit dat ik alleen het zou moeten beslechten. In een radeloze laatste poging pak ik de Lonely Planet erbij en citeer dat Huá Shán één van de vijf heilige taoïstische bergen is, dat de granieten rotsen ooit het thuis was van kluizenaars en wijzen, dat er messcherpe bergruggen zijn, dat je op de top een magische panoramisch uitzicht hebt op groene bergen en op eindeloze vergezichten…………….. en ze hebben daar een kabelbaan!

Susanne heeft mij niet vertelt welk deel van deze beschrijving haar uiteindelijk over de streep trok maar ik heb zo’n vermoeden dat het niet de prachtige vergezichten waren! Hoe dan ook, het reisgezelschap was compleet en vertrok per trein naar Huá Shán. Eenmaal aangekomen bij de voet van de berg trakteerden ons reisgezelschap zichzelf op een stevige Chinese maaltijd alvorens het bed werd opgezocht. De volgende ochtend, bij het eerste ochtendlicht, hadden wij immers een stevige wandeling voor de boeg.

Het ochtendlicht kwam mij en Susanne iets wat vroeg. Chinezen hebben de neiging om zich vooral in grote groepen te verplaatsen en daarbij zoveel mogelijk herrie te maken, zo ook in ons (budget)hotel. Gedurende de hele nacht werden wij wakker gehouden door schreeuwende, rochelende, vechtende en drinkende Chinezen. Wij verbazen ons hier allang niet meer over, evenmin proberen wij hier nog wat aan te doen. We kijken elkaar slechts aan en herinneren ons eraan…”This is China – T.I.C.”

Na een slechte nachtrust en zonder ontbijt beklom ik net na zonsopgang een befaamde berg in China. Al vrij snel kreeg ik door waarom deze berg zo befaamd is en werd ik jaloers op Susanne (Susanne had zich voorgenomen om de eerste 1615 meter per kabelbaan af te leggen en lag daarom nog een aantal uurtjes langer in bed). Huá Shán is een zeer steile klim van ongeveer negen kilometer met tienduizenden traptreden. Toen ik aan Susanne dacht had ik nog geen kilometer afgelegd en waren mijn benen al moe en verzuurd, gelukkig wist ik toen nog niet hoe erg de rest zou worden anders was ik direct omgekeerd en weer naast Susanne in bed gaan liggen.

Na een klim van 1615 meter en vele liters zweet lichter trof ik Susanne fris en fruitig aan op de North Peak van Huá Shán. Hoewel zij ook een uiterst gewaagde poging had ondernomen, zij had zich gestort in de wereld van het Chinese openbare transport, oogde zij een stuk fitter dan ik mij voelde. De gezamenlijke start van de resterende drie kilometers en 545 meter hoogteverschil af, begonnen daarom voorspoedig. Echter bij aankomst bij de eerste klim (ongeveer50 meter verder dan onze ontmoetingsplek) bleken de rokerslongen van Susanne niet opgewassen tegen de uitdagingen van Huá Shán.

Het bekende sigaretje werd uit de tas gevist en vakkundig aangestoken met de Chinese aansteker die vaak ook als vlammerwerpers dienen. Nadat ze vakkundig haar wenkbrauwen van de steekvlam had gered ging Susanne zitten en zou geen poot verder verzetten. “Bergbeklimmen is klote, klaar!!”

De resterende meters naar de top werden dus alsnog zonder Susanne’s aanwezigheid afgelegd. Alhoewel………. eenmaal op de top aangekomen duurde het niet lang alvorens het rood en bezwete hoofd van Susanne tussen de bomen te voorschijn kwam. Met mijn tong op de grond van verbazing en een stiekeme trots bleek dat Susanne het gevaarlijkste deel van de trip alsnog had afgelegd, alleen!!! Uitaard had de inspanning haar humeur geen goed gedaan maar het uitzicht en haar voldoening maakte het toch tot een prettig wederzien.

Na een lange rustpauze op de rand van een klif en ongeveer 2 GB aan foto’s van het uitzicht en van de duizendenhangsloten die worden opgehangen ten behoeven van geluk, begonnen wij aan de terugweg. Slalommend tussen de duizenden Chinese daytrippers baanden wij ons een weg over nauwe bergruggen (zonder veiligheidsvoorzieningen, sorry Anja) naar beneden. De situatie op de berg is zo gevaarlijk dat er ieder jaar nog steeds tientallen toeristen omkomen, dit aantal zal ongetwijfeld zo hoog zijn omdat Chinese vrouwen het volstrekt normaal vinden om op naaldhakken een berg te beklimmen. Bij de North Peak ging Susanne vervolgens weer met de kabelbaan (ja, een Dopplemayr!) naar beneden. Met enige afgunst zag ik hoe het gondeltje langzaam afdaalde en uiteindelijk verdween in de mist van het dal. Zij zou spoedig terug zijn terwijl mij nog een stevige afdaling te wachten stond.

De afdaling was ook echt stevig. Voor iedereen die denkt dat afdalen gemakkelijker is dan stijgen heb ik een openbaring, dat is het niet! Waar ik op de heenweg mijn kuiten aan gort had geholpen waren nu mijn bovenbeenspieren het slachtoffer. Elke stap op elke traptrede veroorzaakte een pijnscheut en mijn god, wat waren er veel traptreden.

Toen ik uiteindelijk 12 uur later beneden kwam protesteerde elke spiervezel in mijn lichaam. Schijnbaar zijn die benen van mij niet gemaakt op meer dan 18 kilometer bergen op- en af te gaan. Gelukkig zat Susanne fris en fruitig beneden op mij te wachten, de reünie werd gevierd met een biertje alvorens het bed weer werd opgezocht. De volgende ochtend zal ik nog eventjes snel samenvatten: spierpijn, niet alleen voor mij maar ook voor Susanne!!!!!!

Het weekeinde daarop hebben we wederom een trip gemaakt. Ditmaal niet om ruig en inspannend te doen maar om eventjes te ontspannen en om de verwaarloosde maagjes te trakteren op pizza. Guy, onze Australische vriend, heeft een Italiaanse kennis die een Italiaans restaurant heeft in Yuncheng, Shánxí. De twee uur durende busrit naar Yuncheng hadden wij graag over voor een echte westerse pizza.

Nadat we ingecheckt waren was het racen naar het restaurant. Visoenen van dampende deegbodem belegd met gesmolten kaas en tomaat zorgde voor een stevig wandeltempo. Eenmaal aangekomen in het restaurant bleek de eigenaar Pollo te heten en was hij slechts in Italie geboren, de pizza’s smaakten er desondanks niet minder om. Pollo heeft zijn levenlang over de wereld gezworven maar heeft zich zeven jaar geleden in Yuncheng gevestigd om aldaar Engelse les te geven. Samen met zijn 45 jaar jongere vriendin (Ja, Bou dat zijn pas sextoeristen) heeft hij onlangs het pizza restaurant geopend.

Toen de pizza’s werden opgediend werden onze visoenen eindelijk eens bevestigd. De pizza’s waren zoals we hadden gehoopt, namelijk met heerlijke kaas, tomaat, peperoni etc! Als dessert kwam er zelfgemaakte chocolademouse en appelkruimeltaart op tafel, héél eventjes waanden wij ons dan ook buiten China! Het iets wat waterige biertje (3,7%, maar wel voor €0,30) bracht ons weer terug in China. Hoewel het bier in China zeker niet vies is, smaakt het toch minder dan thuis. Misschien is dat omdat Chinezen hun bier graag lauw of nog liever warm drinken, of omdat het zo waterig is dat je na één biertje gegarandeerd een aantal pitstops op de toilet moet maken. Uiteraard stopt dit ons niet om desondanks een aantal van die groene rakkers achterover te slaan!

De volgende dag, zondag 18 april, hebben Susanne en ik besloten om op te breken, Susanne bleef achter en ik ben vertrokken. Niet omdat wij elkaar niet meer kunnen uitstaan maar omdat ons wensen niet op elkaar aansloten. Susanne wilde graag in Yuncheng de gigantische hoeveelheid goedkope kledingwinkels gaan leegkopen en ik …… wilde dat absoluut niet! Hierop ben ik met Guy naar het stadje Hancheng gegaan. Hancheng heeft een oud ommuurd centrum en is nog niet bekend bij de busladingen Chinese toeristen. Hier geen schreeuwende megafoons, toergidsen met vlaggetjes of enorme groepen met uniforme petjes, nee hier kan je in alle rust genieten van een authentiek stukje China.

Terwijl ik de oude straten van Hanchang een bezoekje bracht maakte Susanne zich op voor in inkoopfestijn. Helaas, en dat gebeurt altijd op dit soort momenten, blijkt juist dan je pinpas niet goed te werken en wordt hij na enkele mislukte pogingen geblokkeerd. Het beschikbare budget om te spenderen werd daarom gereduceerd tot €18,00. Helaas moest zij hier ook nog een treinticket terug van kopen en moest het maagje daar ook mee gevuld worden. Shoppen vind ik sowieso al niet leuk, shoppen met te weinig geld is nog minder leuk maar shoppen met een kredietloze en hongerige Susanne lijkt mij simpelweg hel op aarde. Ik was dan ook niet erg spijtig dat ik ongeveer 3 uur verderop een oude stadje aan het bekijken was.

Desondanks bleek Susanne bij thuiskomst een aantal goedkopeaankopen te hebben gepleegd. Haar winst was een joggingbroek van Badidas, een groene kunststof bowlingtas en een aantal sandwiches! Ditmaal geen gezoete rotzooi maar echt hartig brood met lekkere stukken kip erop. Ik ben hier nog steeds jaloers en en daarom keren wij spoedig terug naar Yuncheng.

Ditmaal zullen de busrit echter verruilen voor een lange rit op de motorbike. We kijken er naar uit!

Welkom in Shรกnxรญ, de meest vervuilde plek ter wereld!

“Steeped in history, a journey through mountainous Shánxí is a cultural rollercoaster through sites rich in ancient art, architecture and religion, although you might want to bring a handkerchief – this is the home of over 3000 coal mines and the soot gets everywhere!........ The province produces about a third of China’s massive coal output and as such is home to a ridiculous number of coal mines. Authorities plan to reduce their numbers, but you’re still bound to get stuck behind a convoy of coal lorries at least once during your stay, and a rough cough and black snot are both par for the course.” - Lonely Planet -

Dit is een beeldende maar toch nog onderdreven introductie van de provincie die wij inmiddels al bijna acht weken thuis noemen. Onze thuisbasis, een weeshuis op de weg van Xinjiang naar Houma, ligt in het zuiden van de hierboven beschreven provincie. De hoofdstad van het district waar Houma onder valt is Linfen (waar wij enkele weken geleden onze visa hebben verlengd) en ligt hemelsbreed slechts 50 kilometer bij ons vandaan. Onlangs is Linfen door het gerenommeerde Blacksmith Institute (klik op de link) verkozen tot de meeste vervuilde plek op aarde. De vervuiling in Linfen is nagenoeg identiek aan die in Houma, we hebben het dus getroffen!

Voor diegene die zich geen beeld kunnen vormen hoe het is om te leven op de meeste vervuilde plek ter wereld zal ik proberen een beeld te schetsen.

Het begint ’s morgens om 08.00 uur met het opendoen van het gordijn. In Nederland is het voor mij een normale routine om bij het opstaan even snel uit het raam te kijken wat voor weer het is zodat ik weet hoe ik mij voor die dag moet kleden. In China gaat deze vlieger niet op, op een enkele winderige dag na is het zicht elke ochtend maximaal 300 meter waarna de wereld in een grauwe grijze mist verdwijnt.

Aanvankelijk dachten wij dat dit verschijnsel ochtenddauw of mist was maar helaas hebben we moeten concluderen dat dit geen natuurverschijnsel is. De verstikkende grauwe en grijze muur is een door de mens gecreëerde ondoordringbare laag smog die de wereld lijkt te verzwelgen.

Zonder consequenties ramen open zetten gaat niet. Zelfs met gesloten ramen zijn de kool, as en stofdeeltjes moeilijk buiten de deur te houden, laat staan met open ramen. Om je laptop te beschermen tegen het stof is het noodzakelijk om het toetsenbord af te dekken met een soort silicone hoes en moet je meerdere malen per dag je beeldscherm schoonmaken met speciaal reinigingsmiddel.

De rest van onze inboedel is ook niet veilig voor het stof, alles dat langer dan een half uur stil staat wordt getrakteerd op een dekentje van bruin stof. Schoonmaken is op de meest vervuilde plek ter wereld als water naar de zee dragen!

Wij zelf zijn ook niet veilig, mijn doorgaans vieze en klamme handjes, zoals mijn zussen ze gekscherend beschrijven, zijn hier door toedoen van het milieu altijd uitgedroogd en schraal. Susanne’s haar is, ondanks het gebruik van crèmepjes, dag en nacht statisch en maakt haar soms gillend gek. Ja, ondanks verschillende lotions en crèmes kunnen Susanne en ik niet voorkomen dat zelfs huid en haar ten prooi vallen aan de locale elementen. Het gegeven dat wij slecht één á twee keer per week (kunnen) douchen maakt het er niet beter op!

Wanneer wij naar buiten gaan wordt het nog duidelijker waarom deze regio als de meest vervuilde ter wereld wordt betitelt. Gescheiden door een weg zien wij op 250 meter afstand van ons weeshuis, wanneer het weer gunstig is, één van de velen duizenden kolenmijnen uit ons district. De weg die direct aan het weeshuis grenst is een belangrijke verkeersader voor het transport van kolen uit de omringende mijnen. De Lonely Planet grapt dat je minsten eenmaal achter een colonne vrachtwagens met kolen vast komt te zitten wanneer je door het district reist. Op onze weg is het eerder uitzondering dan toeval wanneer wij geen eindeloze colonnes met kool treffen.

Naast de grote hoeveelheid dieselgassen en stofwolken die deze Chinese vrachtwagens uitstoten is het gebruikelijk om de lading kolen niet goed, of helemaal niet, af te dekken. De weg is dan ook bezaait met brokstukken kool (of andere ladingen die van de wagen zijn gevallen, zoals bakstenen, metalen pijpen etc.) en de lucht is een conglomeraat van zuur- en koolstof. Het resultaat hiervan is dat je, wanneer je slalommend op je motorbike tussen de roekloos rijdende vrachtwagens op pad gaat, eindigt met een beroet gezicht, zwarte waterige pap in je ooghoeken, zwart snot, stoffig haar en een vieze smaak in je mond.

Alles dat direct aan of net naast de weg gelegen is wordt versierd door een zwart bruine aanslag. Net opgeleverde gebouwen lijken daardoor decennia oud, vitale bomen lijken alsof ze op het punt staan om door te rotten, het wateroppervlakte heeft een soort melkvlies en ook de mensen lijken er door aangetast.

Het gegeven dat de Chinese bevolking zich nauwelijks lijkt te bekommeren om het milieu maakt het er niet beter op. Zonder enige gêne gooien Chinezen alles zonder pardon op straat. Het straatbeeld wordt daarom verder versierd door een eindeloze hoeveelheid rondzwervend vuilnis, bomen zijn behangen met rondvliegende plastic zakjes en op straat vind je overal stinkende brandjes van zwerfafval.

Nee het tegenwoordige Shánxí is niet de idyllische plek waar bekende Chinese dichters van weleer over schreven. Het is een plek waar alles dat groeit, bloeit of ademt plaats heeft moeten maken voor afbraak ten gunste van de economische ontwikkeling van het superieure Chinese volk.

Welkom in Shánxí, China!

PS: Maak je geen zorgen, we hebben het nog steeds naar ons zin en willen nog lang niet naar huis!

Pingyao

Na onze half mislukte poging ons visum te verlengen (het visum was ons tenslotte wel toegezegd..) stond ons 1e tripje in China op de planning! Samen met Anneke op naar Pingyao! Maggie gaf een taxichauffeur de opdracht ons naar het treinstation in Linfen te brengen en dat was voor de komende dagen de laatste hulp van onze geweldige tolk! Aangekomen bij het treinstation bleek dat we nog wat uurtjes te doden hadden voor onze trein zou vertrekken.. so what to do? Een setje pooltafels voor het treinstation bood uitkomst! Hier hebben we relaxt in het zonnetje wat potjes pool gespeeld. Gjalt ging aanvankelijk nog wel goed maar toen er op een gegeven moment zo'n 30 Chinezen ons aan zaten te staren kreeg ook hij last van plankenkoorts! Ik denk dat we hierdoor wel kunnen zeggen dat we hier de slechtste (en meest hilarische) potjes pool hebben gespeeld in een lange tijd. Op een gegeven moment moesten we onze Chinese fans toch teleurstellen en gingen we op naar de trein! In het station werden we door een Chinese dame met megafoon gecommandeerd in een rij te gaan staan alvorens we het perron op mochten. Weer wachten.. kaartjes controleren... wachten.. Ok mogen we dan nu eindelijk op z'n minst het perron op? Getetter uit de megafoon bleek het startsein te zijn dat we NU het perron op mochten..fijn. Eenmaal op het perron werden we wéér in een rijtje gesommeerd, dit keer nog wel tegen de muur aan! We begonnen ons af te vragen hoe de NS dit kunstje logistiek zou kunnen nadoen in NL aangezien er daar soms al te weinig personeel is om de treinen op tijd te laten rijden. Maar goed eerlijk is eerlijk, toen de trein er eenmaal stond verliep het in en uitstappen érg netjes! Duwen en trekken is er niet bij, misschien kwam dit ook omdat de mevrouw met de megafoon nog steeds instructies aan het schreeuwen was. Maar goed, we zaten in de trein en hadden zitplaatsen: wat wil je nog meer?! Nou wat je duidelijk NIET nog meer wilt zijn rochelende en spugende Chinezen op 30 centimeter afstand waardoor Gjalt werd bedolven onder de pitten die zijn overbuurvrouw steeds uitspuugde op zijn been (ze mikte misschien op de grond maar toch..).

Na 3 luttele uurtjes kwamen we aan in Pingyao! Uiteraard werden we meteen aangevallen door een horde dolle taxichauffeurs die ons allemaal héél graag ergens naartoe wilden brengen. Eentje hield een folder van het 'Harmony Guesthouse' in z'n handen, hier hadden we gereserveerd! Met ons beste Chinees dachten we te begrijpen dat deze man onze free pick up was dus waagden we het erop en stapten in zijn tricycle/golfkarretje. Onderweg was onze eerste indruk: 'dit is precies hetzelfde als Houma..!'. Een grauwe stad, winkels her en der en vooral grote, kale betonnen gebouwen overal. Gelukkig werden we gerustgesteld toen we de stadsmuur van Pingyao passeerden en we in het authentieke stadje terecht kwamen. Wauw, overal kleine schattige huisjes met rode lampionnen en gezellige straatjes: het was duidelijk dat Pingyao een bijzonder goed bewaard gebleven traditionele stad is. Het guesthouse bleek ook helemaal super te zijn met een gezellige woonkamer en alle kamers waren gelegen aan een pittoreske courtyard. Toen we de kamer zagen moesten we even twee keer knipperen: we hadden gewoon een matras!! En het bed was nog kingsize breed ook (de lengte was wel Chinees zodat onze voeten uitstaken maar hey diagonaal liggen kon!). Ik kwam er achter dat we ook nog een eigen badkamer hadden en was helemaal in de gloria. Dat was wel even anders dan die ene gemeenschappelijke douche in het weeshuis voor iedereen! Na wat te hebben gegeten en de nodige biertjes te hebben gedronken in de woonkamer van het guesthouse was het matras te verleidelijk en besloten we hier snel van te gaan genieten.

De volgende dag begon met een heerlijk westers ontbijt (mét echte koffie voor Gjalt!). Ik kan bijna niet beschrijven hoe blij ik was dat ik brood kon eten! Het weer begon zelfs mee te werken en het leek zowaar echt lente te worden. We zijn er dan ook op uit gegaan om de binnenstad te verkennen en slenterden rustig door alle gezellige straatjes en onder de City Tower door. Vervolgens hebben we een heel rondje 'tempel kijken' gedaan waarbij we o.a. langs de Taoistische tempel en de Town God tempel kwamen. Hoewel ik ook deze Chinese tempels zeer kan waarderen wat betreft de bouw, opzet van het complex en alle kleine details, moet ik wel toegeven dat alle tempels een beetje op elkaar beginnen te lijken! (cultuur barbaar..?) Het was op een gegeven moment zelfs zo erg dat we bij binnenkomst bij een zekere tempel zweerden dat we hier een uur geleden net waren geweest, we wilden alweer omdraaien, maar bij het checken op ons ticket bleek dit dus wel een geheel andere tempel te zijn! Maar goed, het mag dan soms nogal op elkaar lijken, de moeite waard is het zeker.

Na ons rondje cultuur was het tijd voor een ander rondje: pijiu oftewel bier! De meneer die de toko (één tafeltje met plastic kleedje) runde had zelfs een Engelse kaart! Alleen toen bleek dat alle gerechten door de vertaalmachine gehaald waren vonden we het toch lastig een keuze te maken en hielden we het maar bij het bier. Ik zou zeggen, bekijk de foto's en oordeel zelf! : )

Na deze pitstop was ons volgende target de authentiek stadsmuur van Pingyao! Pingyao heeft de best bewaard gebleven stadsmuur van China die dateert uit de Ming dynastie en is 6 km lang. In 1997 is de stad, mede door zijn intact gebleven stadsmuur, door UNESCO tot werelderfgoed verklaard. Ons plan was om een rondje over de stadsmuur te lopen en een mooie zonsondergang mee te pikken. Helaas wilde dit laatste gedeelte niet al te best meewerken doordat er ook hier een dikke laag smog in lucht hing. Tijdens onze wandeling werd het wel duidelijk dat er aan de andere kant van de stadsmuur een heel ander Pingyao leeft met zelfs nieuwbouwhuizen die van ver af nog best wat weg hebben van onze huizen in NL. Toen we de 6 km erop hadden zitten sloften we met overal stof en zand naar het gezellig drukke restaurantje 'Sakura' dat we eerder die dag al gespot hadden vanwege het bordje: 'pizza'! Dat konden we niet over ons kant laten gaan uiteraard want na een hele lading noodles, rijst en steamed bread droomden we al geruime tijd van al het westerse eten dat je maar kunt bedenken. Als pizzaliefhebber had ik stiekem toch hoge verwachtingen van mijn pizza vegetariana. Het was dan ook maar goed dat ze in deze tent wel degelijk pizza's goed konden namaken. Ok er was weinig terug te vinden van de beloofde spinazie, champignons etc. maar het smaakte hemels! Nog nagenietend hebben we in het guesthouse de voorraad Tsingtao nog eens aangesproken en hebben relaxt nog een filmpje gekeken.

De dag hierna zijn we met nog twee Zwitserse meiden op stap gegaan naar wat bezienswaardigheden in de buurt van Pingyao. De niet- Engels sprekende taxi meneer zette ons na een uurtje rijden netjes af bij onze eerste stop, the Wang Family Courtyards. Deze rijke familie Wang heeft indertijd een complex laten bouwen met zo'n 123 courtyards. Nou hadden wij al een aardige hoeveelheid courtyards gezien maar dit was toch wel een erg grote verzameling! Overal waren binnenplaatsjes te vinden, in verschillende soorten en maten en met daarom heen allerlei kleine huisjes/gebouwtjes. Al snel merkten we dat we nagenoeg de enige westerse toeristen hier waren want alle Chinese toeristen probeerden ons veelvuldig op de foto te zetten. Soms doen ze dit discreet als ze denken dat je het niet ziet wanneer je zelf een foto aan het maken bent, iets drinkt of iets uit je tas pakt. Maar andere keren gebeurd het met veel gebaren en geschreeuw waaruit we dan maar opmaken dat we dienen te blijven staan (of juist heel fake te poseren) met de hele familie. We zouden hier echt geld voor moeten gaan vragen.. Na deze overdosis courtyards mochten we het busje weer in voor een klein uurtje rijden. Nou is het niet zo dat deze highlights zo ver weg waren maar de meeste Chinezen rijden gewoon super sloom. De pit houden ze er echter wel weer in door levensgevaarlijk sloom te rijden (blijkbaar kan dat) want verkeersregels zijn hier echt een relatief begrip. Het schijnt dat ze wel bestaan maar we zijn nog geen verkeerssituaties tegen gekomen waar ze ook daadwerkelijk werden toegepast.

Maar goed uiteindelijk kwamen we aan bij Zhangbi Ancient Castle. Hier kregen we een rondleiding van een Engels sprekende (!) gids. Na de Kehan en Zhenwu tempel te hebben bekeken gingen we het ondergrondse gangenstelsel is waar de gids toch wel nodig bleek te zijn. Dit gangenstelsel kent drie lagen en het werd vroeger gebruikt als verdedigingsmiddel. Aangezien er alleen sporadisch wat Chinese bordjes te vinden waren was het maar goed dat de gids ons uiteindelijk weer naar de uitgang loodste. Het was zeker interessant en een leuke afwisseling op alle courtyards om dit gezien te hebben! Hierna zijn we nog door het aangrenzende dorpje gelopen en kregen we uitgelegd dat bijna alle Chinese steden (of dorpen dus) eigenlijk twee delen hebben: oost en west. Het westerse gedeelte is voor de rijke(re) mensen en het oostelijke gedeelte dus voor de arme(re) mensen. Een afspiegeling hiervan zie je in de huizenbouw, deze zijn aan de westerse kant mooier, groter en hoger.

Nadat de taxi meneer ons weer bij het guesthouse had gedropt hebben we nog wat door Pingyao geslenterd en zijn uiteindelijk weer terecht gekomen bij het restaurantje van de vorige avond voor nog een portie westers eten. De burgers die we dit keer hier gegeten hebben deden de exemplaren van de Kentucky Fried Chicken in Houma in het niet verdwijnen!

Eigenlijk hadden we nu al wel alles gezien en gedaan in Pingyao maar we hadden nog een dag over. Helaas was het die dag slecht weer, het regent hier bijna nooit maar als wij er zijn... Dus we hebben deze dag lekker lui en rustig aan gedaan. Ik heb met Anneke nog een poging gedaan te shoppen maar aangezien ze overal dezelfde souvenir meuk verkopen was dat niet echt een groot succes. Gelukkig bood het guesthouse, de Tsingtao biertjes en de westerse kaart uitkomst en hebben we ons hier nog goed vermaakt. We kwamen nog in gesprek met een Amerikaan die al 2,5 jaar aan het reizen is en begonnen is door van Californië naar Nieuw Zeeland te zeilen met een maat. Hij was nu van plan om in Mongolië een paard te kopen en hiermee door Mongolië te trekken alleen moest hij nog even leren 'hoe dat allemaal precies werkt'. Wow over avontuurlijk gesproken! En dan dacht ik dat het al heel wat is om een half jaar in China te wonen... Ik vind het al een uitdaging om een Chinese taxichauffeur duidelijk te maken waar ik naartoe wil.. : )

Gelukkig hoefden we niet- avontuurlijk zelf treintickets terug te kopen naar Houma maar heeft de eigenares van het guesthouse ons hiermee geholpen, toch fijn wanneer Chinezen Engels spreken! Dinsdagochtend vroeg stapten we na ons laatste westerse ontbijtje voor een lange tijd weer in zo'n golfkarretje/tricycle op weg naar het station. Onderweg moesten we wel even lachen toen we zagen dat een groepje Chinese werknemers het versje van Floris/Borst (' begin de dag met een dansje, begin de dag met en lach, want wie vrolijk kijkt in de morgen, die lacht de hele dag') wel erg letterlijk nam! Een stuk of 40 supermarkt medewerkers stonden voor de ingang namelijk een ochtend gymnastiek dansje te doen compleet met muziek! Het mooie was nog dat het management team een stukje verderop z'n eigen dans aan het doen was.. verschil moet er zijn! Ik vraag me af hoe het eruit zou zien als alle Albert Heijn filialen vanaf nu 's ochtends met alle medewerkers op straat een ochtend gymnastiek dansje gaan doen.. Zou het de productiviteit en werksfeer verbeteren? Waarschijnlijk resulteert het in een hoop extra vacatures..

De hele trip was zeker geslaagd en het was erg relaxt om een aantal dagen buiten het weeshuis te spenderen en even in wat meer luxe te leven (en vooral westers eten!). Toen we aankwamen in het weeshuis lag er een verrassing op ons te wachten... een puppy!! Iemand had hem in een kippenhok gevonden en naar de klusjesman van het weeshuis gebracht. Hij wilde hem niet hebben dus mocht Maggie ‘m mee naar boven nemen zodat ie nu bij ons woont. Het is echt een enorm schattig beestje van ongeveer een maand oud en omdat het een typische Chinese 'village dog' is heeft ie een naam gekregen die wij met China associëren: Noodle! : ) Hij doet z'n naam eer aan want de noodles gaan er in als zoete koek. Ondertussen hebben we een hokje voor hem gebouwd naast het kippenhok waar hij nu overdag 'woont' aangezien Noodle wel heel erg schattig is maar niet zindelijk!

Met de 30 kippen, een geit en een hond krijgt het weeshuis al een aardige verzameling dieren. Dit hopen we snel te kunnen gaan uitbreiden wanneer we echt kunnen gaan beginnen met de pet farm!

Zaijian!!

Susanne en Gjalt.

Ps. Onze paspoorten hebben we na een week eindelijk terug, mét visa! : )

Illegaal in China!

De wekker zegt dat het 04.17 uur is maar mijn maag zegt dat het tijd is om op te staan. Direct schiet in mijn slippers, open de deur naar de galerij en haast mij over de koude betonnen galerijvloer naar het toilet dat enkele meters verderop gelegen is. Hoewel wij inmiddels een maand in China zijn is mijn maag nog steeds niet China-proof.

Na het weekje wennen, inmiddels drie weken geleden, begon ons tijdelijke leven als vrijwilliger in een Chinees weeshuis. Wat voor vrijwilligerswerk wij exact zouden gaan uitvoeren zou ons weldra worden uitgelegd door een speciaal daarvoor ingevlogen Filippijnse fysiotherapeute, we waren benieuwd!

'Sit down, listen carefully because we don't have much time!'.... Ok, tijd voor wat dan dacht ik?...... 'I've only got hours to teach you the basic principles of physical therapy and to set up therapy programmes for all the orphans'.... Ok, betekent dit dat wij fysiotherapie gaan doen???

Voordat ik deze vraag kon stellen was ik echter al ante- en retroflexies, inversies, eversies, abducties en adducties en allerlei andere fysiotherapeutische handelingen aan het uitvoeren. In enkele uren tijd werd ons de basis van fysiotherapie uitgelegd.

Terwijl iedereen druk bezig was de stof tot zich te nemen dwaalden mijn gedachten af. Ineens rook ik weer de penetrante geur van de collegezaal in het oude bijgebouw van de Hogeschool Leiden en was ik terug in de tijd dat ik zelf nog fysiotherapie studeerde. De geur, welke je direct bij het openen van de voordeur tegemoet kwam, heb ik hierna altijd geassocieerd met gevoelens van frustratie, twijfel en angst. Eventjes was ik dan ook weer de verdwaalde jongen die niet meer wist of fysiotherapie nou wel zijn ‘ding' was maar die ook niet wist wat wél zijn ‘ding' was. Opeens ploeterde ik weer met aanhechtingen van spieren, probeerde fysiologische literatuur tot mij nemen en tekende met oogpotlood verkeerde dingen op andermans onderbeen wetende dat deze strijd allang verloren was.

Ik weet niet hoelang ik zo heb gezeten maar toe ik weer bij kennis kwam zag ik dikke zweetdruppels van Susanne's voorhoofd in haar notitie blokje druppelen. Ik realiseerde mij dat dit een wel zeer lastige, zo niet onmogelijke, opdracht voor ons zou gaan worden. Zaken waar ik tijdens mijn mislukte fysiotherapietijd maanden aan had besteed, en zelfs toen nog niet begreep, kwamen hier in enkele minuten voorbij razen.

Angstbeelden over iets te extreem uitgevoerde eversies, uit de kom getrokken schouders, afgescheurde spiertjes en andere onprettige zaken begonnen in mij op te komen. Ik vroeg mij af hoe deze fysiotherapeute in vredesnaam een dergelijke verantwoordelijkheid bij ons in de schoenen kon schuiven. Het antwoord daarop is echter simpel en tegelijk ook confronterend; bij gebrek aan geld voor een fysiotherapeut zijn wij het beste alternatief!

Aan het einde van de training kreeg elke werker de verantwoordelijkheid voor de therapie van één weeskind. Ik was de gelukkige om Dan Dan toegewezen te krijgen. Deze 15 jarige jongen zit door toedoen van een openruggetje, klompvoeten en een waterhoofd al zijn gehele leven in een rolstoel. Een speciaal trainingsprogramma moet hem zo mobiel en zelfstandig mogelijk maken, althans dat is het plan. Helaas is Dan Dan, die van mij de naam Luitenant Dan heeft gekregen, aartslui en heeft zover ik heb kunnen ontdekken niet de intentie om actief mee te werken met de therapie.

'Djei Jo Luitenant Dan, E(1).... Ar(2) ...... San(3),..... come on, you can do it, hup hup!!' Als een soort Martijn Michels the sequile, waarbij ook ik voorbij ga aan algehele malaise, onverklaarbare pijntjes of oververmoeidheid, probeer ik er enigszins beweging in te krijgen. Deze aanpak levert een veelheid aan diepe zuchten, luide kreunen en veel 'No I Can't' op, daar tegenover staat wel dat hij nu wel zelfstandig kan staan!

Susanne heeft het met haar Jing Jing alias ‘het Lappenpopje' niet veel beter getroffen. Dit vijf jaar oude meisje leidt aan een aandoening met de naam ‘cerebral palsy' en heeft daardoor nauwelijks spanning in de spieren. Het Lappenpopje kijkt Susanne vaak aan met een blik waarmee ze lijkt te zeggen; 'als jij zo graag therapie wilt doen, ga dat dan lekker zelf doen en val mij daarmee niet lastig. Ik ben druk met staren naar her plafond, zie je dat dan niet?' Vervolgens tikt ze wat met haar vingers tegen elkaar en staart weer verder naar het plafond.

'KABOEMMMMM' gevolgd door een flinke por in haar zijde, Susanne geeft niet snel op! Echter, ook deze inspanning wordt gepareerd een enkele knipper van haar linker oog waarna het geheel weer verder gaat met de orde van de dag. Ook voor Susanne geldt dat haar cliënte zeer waarschijnlijk nooit zal leren lopen, helaas!

Ja, de handicaps vallen ons soms tegen. De in Nederland voorbereidde plannen lijken door de ernst van sommige handicaps en het gebrek aan voorzieningen, geld en inzet niet realiseerbaar. Omdat wij nog geen alternatieve mogelijkheden hebben gevonden zijn wij inmiddels een dikke tweetal weken enkel en alleen bezig met het geven van therapie. Per dag zijn wij hier ongeveer drie uur mee bezig. Een invulling voor de rest van de dag hebben wij nog niet maar wij zijn druk bezig met het opzetten van een kinderboerderij. Met deze kinderboerderij willen wij gaan voorzien in belangrijke voeding zoals melk, eieren en vlees. Gegeven het feit dat de wezen 3 maal daags koolhydraten in de vorm van rijst, noodles of gestoomd brood eten, lijkt dit ons een noodzakelijk aanvulling. Verder zal de kinderboerderij gaan dienen als een educatieve plek waar sommige wezen een nuttige dagbesteding krijgen. Door hen verantwoordelijkheden te geven zoals het voeren van dieren, het uitmesten van stallen, het verzorgen van dieren etc. willen wij het zelfvertrouwen en vermogen van de wezen gaan vergroten. Om dit te realiseren hebben wij het Jac Kouwenhovefonds aangeschreven. Dit leverde ons €5000,- op ,hiermee zijn wij in staat om in elk geval het grootste deel van de boerderij te betalen. Zodra het geld binnen is gaan wij uiteraard zo spoedig mogelijk aan de slag.

Sociaal gezien staat we ook niet stil. Zoals Susanne in haar vorige stukje al schreef zijn wij in contact gekomen met een groepje buitenlanders dat hier Engelse les geeft, in totaal zo'n 20 man. Als gevolg van dit contact zijn wij een avond met alle buitenlanders bij elkaar gekomen om te eten en te drinken. Ik zou jullie graag de feitelijke beschrijving van deze avond geven maar als gevolg van een overdosis Beiijo (Chinese Whisky) weet ik hier zelf weinig meer van. Wel kan ik verslag doen van onze brommerrit terug naar huis , naar verluidt is dit ongeveer zo gegaan:

Susanne chauffeur: 'Gjalt hou je vast!!!!'

Gjalt passagier: 'Ik grebb mij wastttt!!

Susanne chauffeur: 'Gjalt... je valt er bijna van af!!!!'

Susanne chauffeur: 'Sla beide armen om mij heen, zet je beide benen op de standaard en hou je hoofd omhoog!!!!!!!!!!!!!!'

Gjalt passagier: 'whoe whard gaan we?'

Susanne chauffeur: 'Keihard, zeker 40!!!

Gjalt passagier: Sjesusss wat whard, weet je whar het mij aan doett denkennn?

Susanne chauffeur: 'Nou vertel...'

Gjalt passagier: 'Vlaan die gvlijbaan inn het Tikibad, die flitssssss'.........

Een beetje schaamtevol heb ik deze en andere details de volgende dag in ontvangst mogen nemen. Gelukkig bleek ik niet de enige te zijn die iets wat ver in één van de vele flesje Beijio had gekeken, helaas was ik wel aanvoerder van dit team. Desondanks zijn er vriendschappen uit ontstaat en zijn er nu plannen om aankomend weekeinde één van de vijf heilige bergen in China gezamenlijk te beklimmen. Laten we hopen dat dit mij beter af gaat dan een avondje gezamenlijk borrelen!

Vorige week vrijdag stond het verlengen van het visum op het programma. Appeltje eitje zou je zeggen, nou niet in China! Om een verlening te krijgen voor de gehele duur van het project moesten er een oneindigheid aan formulieren worden getekend, sponsors worden gevonden en uiteraard nieuwe pasfoto's worden gemaakt. Susanne en ik ondergaan dit proces gelaten, hoewel het ons beide onzinnig en overbodig gecompliceerd lijkt beseffen wij dat wij niets aan het proces kunnen veranderen. Om uiteindelijk de fel begeerde businessvisum te ontvangen pappen we aan met een lokale politieofficier. Deze heeft connecties in Linfen, de hoofdstad van het district waar Houma onder valt, en hier kan deze beste man wel wat voor ons regelen. Er wordt afgesproken dat wij met een ‘father' van het weeshuis, de politieofficier, onze tolk en wij zullen afreizen naar Linfen.

Van ons wordt stiptheid verwacht en dus staan wij op de dag van vertrek netjes op tijd in Houma te wachten tot Father Guam ons komt oppikken. Hoewel iets te laat verschijnt hij dan ook uiteindelijk op de afgesproken plek waarna we snel verder gaan om de politieofficier op te halen. Op de één of andere manier verbaasde het mij niets, maar de desbetreffende politieofficier had die ochtend een andere belangrijke afspraak waardoor wij nog eventjes een uurtje moesten wachten. Susanne en ik hadden dat uurtje graag extra wille uitslapen maar helaas. Uiteindelijk was ons fellowship of the visa dan toch compleet zodat we konden afreizen naar Linfen.

Een uurtje later was het zover, we waren in Linfen! We draaien een half afgebouwd parkeerterrein op dat wordt omring door half afgebroken of half opgeleverde betonnen gebouwen. Een dergelijk beeld zie je veel in dit deel van China, veel oude gebouwen worden afgebroken en vervangen door nieuwe, net zo lelijke, gebouwen. Ook hier zien wij om ons heen veel bouwbedrijvigheid en wordt er in rap tempo gewerkt aan de verdere modernisering van China. Maar goed, we kwamen voor het visum. Om een lang verhaal kort te maken hebben we daar nog meer formulieren moeten invullen, nog meer kopieën moeten maken en zijn wij nog steeds geen visum rijker. De betreffende beambte die gaat over het stempeltje in het paspoort plakken was die dag vrij en schijnbaar was zijn taak zo ingewikkeld dat niemand die kon overnemen. Geen visum dus die dag! Ondanks die tegenvaller hebben wij het gezelschap mee uiteten genomen. Chinezen maken er geen probleem van om onder werktijd een paar pilsjes achterover te slaan waardoor de Father Guam nu de bijnaam Father Guambe heeft gekregen (Father Proost).

Hierna zijn wij door gereisd naar Pingyao voor onze eerste break van het project. Tot op de dag van vandaag hebben wij nog niet het benodigde stempeltje in ons paspoort staan waardoor wij eigenlijk illegaal in China zijn. Erger het gegeven dat wij onze paspoorten hebben meegegeven aan een beambte van de immigratiedienst om alsnog dat stickertje in te plakken. Hier hebben wij echter niets mee van vernomen waardoor wij nu eigenlijk illegalen zonder paspoort in China zijn. We zijn benieuw hoe dit gaat aflopen!

Zaijian Gjalt & Susanne

Eerste weekje Xinjiang!

Na onze aankomst in het weeshuis kregen we al snel de mededeling dat er die week nog niet gewerkt hoefde te worden maar dat we konden 'wennen' aan leven in het weeshuis, de omgeving, het eten etc. Deze week is eigenlijk ook snel voorbij gevlogen, en wat betreft het eten: hier heb je geen week voor nodig om aan te wennen aangezien het toch alleen maar noodles, rijst en nog meer noodles is. De culinaire menukaart van het weeshuis bracht ons dan ook snel bij onze eerste belangrijke stop in Houma: de supermarkt!! Aangezien 3x noodles op een dag ons wat ver gaat slaan we hier wat ultra- houdbare, zoete troep in dat als ontbijt mag dienen. En Gjalt zonder koffie 's ochtends is niet zo'n goede combinatie dus godzijdank dat we in de super Nescafé oploskoffie konden vinden (ze zouden het geen koffie mogen noemen maar bij gebrek aan beter..).

De volgende uitdaging was het kopen van een Chinese prepaid kaart. Appeltje eitje zou je zeggen maar dan wel Chinese stijl! We kwamen in de China Mobile winkel die meer weg had van een reisbureau. We namen plaats aan een bureautje met een Chinees dametje aan de andere kant. Als eerste werden de paspoorten gecheckt op geldigheid en visa. Kopietjes maken. Formulieren invullen. Handtekeningen zetten. Chinese mevrouw 100 dingen invoeren in de computer. Nog meer formulieren...na 1,5u vroegen we ons toch wel af waarom dit in vredesnaam zo lang moest duren. Blijkbaar wil de plaatselijke 'Gestapo' hier ten alle tijden weten wie je bent, waar je bent, waarom, met wie, hoe lang etc. etc. Zal mij niets verbazen als ze hier buitenlanders bij voorbaat afluisteren ; ) Maar goed uiteindelijk kregen we de simkaartjes mee en werkt het nog ook. Enige nadeel is dat we gestalkt worden met Chinese smsjes (van wie of wat, geen idee). Dus we blijven die berichten maar gewoon wissen met de hoop dat die gekke Chinezen daar een keer mee ophouden! : )

Ondertussen hadden we er al redelijk veel bus- en taxi ritjes opzitten omdat we steeds voor iets kleins naar Houma of Xinjiang gaan. Het is misschien handig om even uit te leggen waar het weeshuis nou staat. Kort gezegd: aan de doorgaande weg van Houma (redelijke stad) naar
Xinjiang (klein stadje). Officieel gezien hoort het weeshuis bij Xinjiang en dit is ook een stuk dichterbij dan Houma. In beide kun je voor de meeste dingen wel terecht alleen is Houma duidelijk een stukje groter dan Xinjiang. Wij waren echter niet van plan om ons 6 maanden per bus of taxi te verplaatsen naar deze twee wereldsteden dus werd de 'motor bike' zoektocht gestart! Maggie, onze tolk, heeft echt overal rondgevraagd, elke shop waar ze brommers etc. verkopen zijn we langs geweest met de vraag of ze ook tweedehands brommers hadden. Als ze er al eentje hadden dan bleek dit echt een super gammel ding te zijn waarbij ik me serieus af vroeg of ie niet meteen zou ontploffen als ze ‘m zouden starten.. Na een paar dagen zoeken zonder succes hadden we onze laatste hoop gevestigd op onze ‘new best friend' Amos. Dit is een vriend/kennis van Maggie die ze via het weeshuis heeft leren kennen. Het is een jonge gozer van onze leeftijd die bij onze aankomst in het weeshuis Gjalt z'n laptop gereanimeerd heeft m.b.v. Chinese virusprogramma's (tricky..). Dit keer zou hij ons dus helpen met onze 'motor bikes'! Na een kopje koffie met onze vriendelijke vriend kwam deze met het briljante idee om zijn schoonvader erbij te halen, deze zou er verstand van hebben en wat connecties hebben. Dat klonk ons goed in de oren en dus ging het op naar meneer de schoonvader! Deze meneer nam de rest van de dag vrij om met de arme buitenlanders op zoek te gaan naar motor bikes: lucky us! Bij een shop waar we al eerder geweest waren zorgde meneer schoonvader ervoor dat er een tweedehands brommer werd aangerukt. Vervolgens kwamen er vrienden van meneer schoonvader langs om de brommer te checken alvorens het onderhandelingsproces begon. Dit was wel een apart schouwspel wat ongeveer zo gaat: meneer schoonvader checkt de brommer, doet sigaretje met de verkoper, meneer schoonvader rijdt op brommer, sigaretje, een vriend checkt de brommer en rijdt erop, sigaretje, Gjalt mag een stukje rijden, de Chinese mannen doen weer sigaretjes, er wordt door meneer schoonvader en diens vrienden aan de brommer gepord, sigaretje. Voor dit onderhandelen wordt ruim de tijd genomen maar dan heb je uiteindelijk ook wat! Meneer de schoonvader had voor Gjalt een mooie deal gemaakt waardoor we op schakelbrommer terug konden naar het weeshuis! Voor Anneke heeft onze vriendelijke vriend nog een scooter gevonden waardoor we nu met z'n vieren op stap kunnen 's avonds met onze brommers. Ondertussen heb ik al een poging gedaan om met Gjalt achterop te rijden op zijn schakelbrommer....Hierna moest ik Gjalt bijna reanimeren vanwege de doodsangsten die hij uitstond. Mocht de vriendelijke meneer nog iets voor mij vinden dan hou ik het maar bij een scooter (of misschien beter een elektrische fiets.. of een step?).

Bij de zoektocht naar de brommers hadden we een aantal keer iets gehoord over 'andere' buitenlanders. Tot nu toe hadden wij alleen nog maar Chinezen hier in de omgeving gezien en hoewel dit allemaal erg leuk en aardig is, is het ook wel eens fijn om meer dan alleen 'hello' tegen iemand te kunnen zeggen. Via via had Maggie (alias 'onze held') het nummer van een van deze 'foreign teachers' bemachtigd waardoor we twee dagen later met een aantal van hen aan wat Chinese biertjes en fried egg zaten te eten (nice combo). Zeker aardige gasten en vooral voor Gjalt ook wel relaxt om een keer NIET alleen maar met chicks omringd te zijn : )

In ons weekje 'wennen' zijn we niet alleen maar buiten het weeshuis geweest voor simkaarten en brommers, ook hebben we kennis gemaakt met de kids en werkers in het weeshuis. Bij onze aankomst stonden de drie musketiers/ zware jongens al klaar om ons op te wachten en sindsdien zijn ze niet meer van onze zijde geweken. Er Dan, Tian Long en Tian Hang zijn drie lieve (maar soms vermoeiende) jongens met een hoog 'ni hao'- en zwaai gehalte. Als ze niet met z'n drieën aan het spelen zijn, zijn ze wel ruzie met elkaar aan het maken. Vanaf dag 1 wijzen ze ons overal op en nemen ze ons het liefste de hele dag aan de hand mee door het hele weeshuis. Nadat we deze drie koters met handen en voeten taal hadden wijsgemaakt dat we toch ook echt de andere kinderen wilden leren kennen hebben we de overige 17 kids gezien. Aangezien de kinderen hier geen 'Tom' of 'Yvon' namen hebben duurde het wel even voordat we alle namen (die verdacht veel op elkaar lijken) kenden en ook het bijbehorende kind konden opsporen. In deze eerste week hebben we met de meeste kinderen gespeeld om ze wat te leren kennen. Voor Gjalt heeft dit geresulteerd in het feit dat hij nu een die- hard fan heeft, Shuai Shuai een verstandelijk gehandicapte jongen van ongeveer 15 jaar. Hij zoekt Gjalt de hele dag op om hem vervolgens een soort kopstoot tegen zijn borst te geven (waarschijnlijk zijn manier om te zeggen: ik vind jou leuk!). De dagelijkse zorg voor de kinderen wordt verzorgd door de ayi's (verzorgers). Dit zijn per dag meestal zo'n 3 of 4 ayi's voor 20 kinderen. Wat betreft een pedagogisch verantwoorde aanpak kunnen we na een week al zeggen: die is er niet! Onze hulp in het weeshuis is meer dan welkom, vooral om de therapie voor de kinderen te doen. Het onderwerp 'pedagogisch verantwoord werken' zetten we vooralsnog maar even in de koelkast!

Na dit eerste weekje wennen is de winst een heerlijk Chinees hard bedje, dé schakelbrommer, een overdosis noodles die ik NU al zat ben, het 1e lekkere gerecht dat ik in China gegeten heb; ‘sticky rice balls', elektrische kussentjes om je door koude nachten te helpen, het kleine supermarktje aan de overkant van de straat dat biertjes voor 25 cent verkoopt en vooral het prachtige uitzicht op het Chinese industrie- landschap incl. een soort toren die verdacht veel weg heeft van een kerncentrale... kortom: we willen nog lang niet naar huis!

Susanne en Gjalt